Zingen als 'n nachtegaal
Geniale passiemuziek zonder drama
KLASSIEKE MUZIEK - RECENSIE ALBERT DRÜGGEN

Haarlems Gemengd Koor en Kamerorkest Continuo olv. Frank Hameleers, mmv. Maja Roodveldt, sopraan, Geraint Roberts, tenor, Jasper Scheppe, bariton, Gerrie Meijers, orgel.
Programma: werken van G.F. Händel en C.H. Graun. Gehoord: vrijdag 8 maart, H. Bavokerk Heemstede.

Het is altijd sympathiek als een oratoriumkoor voor de passietijd iets anders verzint dan de Matthäus Passion van Bach. Zelf heeft Bach in de twee kerken van Leipzig, waarvoor hij muzikaal verantwoordelijk was, uitvoeringen van zijn verschillende passies afgewisseld en ook passiemuziek van tijdgenoten laten uitvoeren, zoals van Brauns, Telemann, Huhnau, Händel en Graun.

Het Haarlems Gemengd Koor (HGK) heeft het goede idee gehad om de passiecantate Der Tot Jesu van bovengenoemde Carl Heinrich Graun (1703- 1759) in te studeren. De cantate genoot in Duitsland tot ver in de 19de eeuw de voorkeur boven Bachs Matthäus. In vergelijking met het dramatische werk van Bach is Der Tod Jesu veel beschouwelijker. Er zijn geen dialogen, de solisten vertegenwoordigen geen personages, het koor laat geen kreten van een volksmassa horen. Voor onze oren is Graun dus minder aangrijpend dan Bach, maar je hoort wel soms geniale muziek, die de woorden (van ene Carl Wilhelm Ramler) onderstreept of illustreert.

De zeventig koristen van HGK zitten behoorlijk stevig in hun partij. Onder de soepele slag van dirigent Frank Hameleers - zelf ook zanger - komen ze in hun koralen en koren tot een mooi legato. Ondanks dat de sopranen numeriek in de minderheid zijn ten opzichte van de alten, weten ze de klank van het vrouwenkoor in evenwicht te houden. Een enkele keer nemen hun fraaie stemmen de hoge noten net iets te laag. De mannen presteren niet slecht maar krijgen het in de ingewikkelde fugatische gedeelten wat moeilijk. Zoals gebruikelijk kampt ook dit koor met een mannentekort. Vooral de negen tenoren moeten zich weren tegen een overmacht. Gelukkig overschreeuwen ze zich niet en zijn ze bij hun inzetten in ieder geval duidelijk present.

De solisten zingen ronduit schitterend. De meeste recitatieven en aria's zijn voor sopraan Maja Roodveldt. Zij kwinkeleert als een nachtegaal en laat met haar coloraturen horen dat Graun een volbloed opera-componist was.

Vóór Grauns passie geeft HGK een aantrekkelijke uitvoering van Händels Funeral Anthem, een heerlijk maar vaak ook voorspelbaar zangstuk. Een volle kerk geniet een lange avond op harde banken.